investorinvestor

In elke belegger zit iemand die precies weet hoe het moet. Jammer genoeg zit daar ook een ego, en dat ego heeft meestal het laatste woord.

Deze week is dat weer prachtig te zien. De Bitcoin koers is naar het hoogste niveau sinds januari gestegen, terwijl een flink deel van de beleggers nog altijd op de bodem zit te wachten. Het is de psychologie van beleggen in een notendop.

Het begint met een overtuiging. Je wist het zeker: de bodem van Bitcoin zou pas in het najaar komen. Zo ging het namelijk altijd.

Dus had je de euro’s klaarstaan bij je favoriete cryptobeurs om zo goedkoop in te kopen. Toen Bitcoin op 1 juli naar 57.800 dollar zakte, kocht je niets. Dat kon vast nog lager.

Het kon niet lager.

Inmiddels staat de koers rond de 87.000 dollar. En je staat nog steeds te wachten aan de zijlijn.

Psychologen hebben er een naam voor: ankering. Je brein heeft 57.800 dollar opgeslagen als de prijs die je had kunnen hebben, en alles daarboven voelt als afzetterij. Dat die oude prijs niets zegt over wat Bitcoin vandaag waard is, laat je onderbuik koud.

Dus wacht je op een terugval. Voor de zekerheid staat er een koersalarm op 60.000 dollar, maar realistisch gezien wordt het steeds onwaarschijnlijk dat die prijs nog een keer wordt bereikt.

Ondertussen fluistert er een tweede stemmetje. Wat als je nu koopt en de koers daarna alsnog keldert? Dan heb je het helemaal zelf gedaan. Doe je niets en stijgt de koers, dan ligt het gewoon aan de markt.

Dit fenomeen heet spijtaversie. Spijt over een fout die je maakte, weegt zwaarder dan spijt over een kans die je liet liggen. Niets doen voelt daardoor als de veilige keuze.

Psycholoog Daniel Kahneman kreeg in 2002 de Nobelprijs voor de economie, mede dankzij onderzoek dat hij met Amos Tversky deed. Een van hun inzichten: een verlies doet ongeveer twee keer zoveel pijn als een even grote winst plezier doet.

Dus voel je je heel verstandig. Je verliest geen cent. Je verdient alleen ook niks.

En dan het zwaarste gewicht: het ego. Maandenlang heb je op verjaardagen uitgelegd dat de bodem pas in oktober komt.

Nu instappen betekent toegeven dat je zwager gelijk had. Die kocht in juli, zonder grafieken en zonder theorie.

Dat ongemak heet cognitieve dissonantie. De werkelijkheid botst met wat je gelooft, en dat schuurt.

De makkelijkste uitweg is dan niet je mening bijstellen, maar de werkelijkheid. Dus lees je vooral analisten die nog een crash zien aankomen. Die zijn er altijd.

Het is de automobilist die zweert dat hij de weg kent. Hoe langer hij rondjes rijdt, hoe gênanter het wordt om de navigatie alsnog aan te zetten.

Het eerlijke antwoord is simpel: je had het fout. Maar dat hardop toegeven, al is het alleen tegen jezelf, kost meer moeite dan het klinkt.

Voor je ego voelt instappen op 87.000 dollar als een verlies. Niet in euro’s, maar in gelijk. En dat verlies nemen beleggers nog minder graag dan een koersverlies.

Dus wacht je nog even. En nog even. Elke dag dat de koers verder loopt, wordt de pil bitterder en het wachten makkelijker te verdedigen.

Tot de FOMO toeslaat. Ineens giert de angst om de boot te missen door je lijf. En dat is vaak net het moment waarop de vroege kopers hun winst gaan pakken. Wie dan instapt, betaalt de hoofdprijs.

Zo maak je de klassieke fout: eerst liet angst voor spijt je wachten, nu laat angst om te missen je kopen. Twee keer beslist je onderbuik, en een beslissing uit emotie pakt zelden goed uit.

Als de koers dan corrigeert, slaat de spijtaversie alsnog dubbel zo hard toe. Je miste de bodem en kocht te duur.

Je ego wilde gelijk krijgen. Het krijgt uiteindelijk vooral de rekening.

Het bericht Wachten op een bodem die al geweest is verscheen eerst op Newsbit.

Wil je op de hoogte blijven van het laatste nieuws, artikelen en YouTube video’s? Abonneer je dan op onze push-berichten op Telegram of Twitter.
Heb je vragen of wil je in contact komen met andere crypto fanaten join dan onze  Telegram chat!