
De enorme investeringsgolf rond kunstmatige intelligentie krijgt te maken met een nieuwe tegenwind. De Amerikaanse rente is hard opgelopen, waardoor het voor AI-bedrijven steeds duurder wordt om geld te lenen. Vooral bedrijven die hun datacenters grotendeels met schulden financieren, kunnen daar last van krijgen.
Dat komt op een gevoelig moment. De AI-sector wil de komende jaren biljoenen dollars investeren in datacenters, chips en andere infrastructuur. Een belangrijk deel daarvan moet met geleend geld worden betaald.
AI-sector heeft biljoenen dollars nodig
cDe rente op Amerikaanse staatsobligaties met een looptijd van tien jaar is opgelopen tot ongeveer 5,17 procent. Dat is circa één procentpunt meer dan aan het begin van het jaar.
Voor bedrijven die nieuwe obligaties willen uitgeven is dat belangrijk. Beleggers kunnen inmiddels relatief hoge rendementen krijgen op Amerikaanse staatsobligaties. Bedrijven moeten daardoor hogere rentes bieden om investeerders te overtuigen hun obligaties te kopen.
Dat kan enorme gevolgen hebben voor de AI-sector. JPMorgan Chase schatte eerder dat er tot en met 2030 voor ongeveer 4,1 biljoen dollar aan AI-gerelateerde schulden kan worden uitgegeven. Dat geld is onder meer nodig voor de bouw van datacenters en de aanschaf van grote aantallen gespecialiseerde chips.
Voor bedrijven als Amazon, Google, Meta en Microsoft is een hogere rente waarschijnlijk beter te dragen. Deze technologiereuzen hebben sterke kredietbeoordelingen en beschikken over enorme kasstromen.
De situatie ligt anders voor kleinere spelers die veel sterker afhankelijk zijn van geleend geld. Een voorbeeld daarvan is CoreWeave, dat enorme hoeveelheden rekenkracht beschikbaar stelt voor AI-bedrijven.
CoreWeave waarschuwt zelf al voor dat renterisico. Volgens een recente melding bij de Amerikaanse beurswaakhond kan een rentestijging van één procentpunt de jaarlijkse rentelasten met ongeveer 30 miljoen dollar verhogen, uitgaande van de huidige schulden met een variabele rente.
Geldschieters worden kritischer
Ook investeerders lijken voorzichtiger te worden. Een investeerder uit de private kredietmarkt vertelde aan CNBC dat toekomstige financieringen voor zogenoemde neocloudbedrijven moeilijker kunnen worden. Dit zijn ondernemingen die grote hoeveelheden rekenkracht en AI-infrastructuur verhuren.
Volgens Riley Thompson van Mitsubishi HC Capital America kijken kredietverstrekkers bovendien kritischer naar welke bedrijven ze nog willen financieren.
“In plaats van een lijst van vijftig neoclouds zijn er waarschijnlijk twintig waarin de markt echt geïnteresseerd is”, aldus Thompson.
SoftBank laat ondertussen zien hoeveel geld bedrijven bereid zijn te betalen om toegang tot kapitaal te houden. Het Japanse concern haalde deze week 11,1 miljard dollar op met obligaties van lagere kredietkwaliteit. Voor een deel van de obligaties liep het rendement op tot 9,75 procent.
Volgens Mark Malek, investeringsdirecteur bij Siebert Financial, hebben sommige bedrijven weinig keuze. Ze moeten enorme hoeveelheden geld blijven ophalen om de concurrentiestrijd rond AI vol te houden.
“Veel van deze bedrijven moeten zoveel mogelijk kapitaal ophalen om te kunnen concurreren”, zei Malek.
Ook Oracle voelt de druk op de markt. Het aandeel verloor deze week ongeveer zeven procent en staat dit jaar circa dertig procent lager. Bloomberg meldde bovendien dat Oracle maatregelen heeft genomen om zichzelf te beschermen tegen mogelijke hogere kosten rond een groot datacenterproject in New Mexico.
Oracle stelt dat het project nog altijd volgens planning verloopt.
Vraag naar AI blijft ondertussen exploderen
De hogere financieringskosten betekenen niet automatisch dat de bouwwoede rond AI stopt. De vraag naar AI-diensten blijft volgens marktpartijen namelijk uitzonderlijk groot.
Dat is belangrijk voor bedrijven die miljarden investeren in nieuwe datacenters. Zolang grote klanten bereid zijn jarenlang rekenkracht af te nemen, kunnen hogere rentelasten gemakkelijker worden doorberekend of opgevangen.
Andrew Giudici van kredietbeoordelaar KBRA verwacht daarom niet dat bedrijven massaal op de rem trappen.
“In een normale omgeving zouden mensen misschien een stap terugzetten en even wachten”, zei Giudici. “Maar ik denk niet dat dit hier gaat gebeuren.”
Ook Haim Zaltzman van advocatenkantoor Latham & Watkins verwacht dat de hogere kosten uiteindelijk ergens terechtkomen. Volgens hem maakt de enorme vraag naar AI-capaciteit het gemakkelijker om die extra kosten te dragen.
Dat geldt vooral voor projecten waarvoor al grote klanten zijn vastgelegd. OpenAI en Anthropic sluiten bijvoorbeeld langlopende contracten om zich jarenlang van voldoende rekenkracht te verzekeren.
Bernie Margulies, topman van adviesbedrijf American Compute, verwacht daarom dat een beperkte stijging van de financieringskosten veel projecten niet zal tegenhouden.
“Als je een overeenkomst met Anthropic hebt, gaat vijftig basispunten je dan echt stoppen?”, aldus Margulies.
De miljardenrace om AI-infrastructuur lijkt daarmee voorlopig door te gaan. Alleen wordt de rekening voor bedrijven die daarvoor zwaar moeten lenen steeds hoger.
Het bericht AI-bedrijven willen $4,1 biljoen lenen, net nu lenen duur wordt verscheen eerst op Newsbit.

