
Nederland krijgt vanaf 2028 een vermogenswinstbelasting in box 3. Beleggers betalen dan pas belasting over de winst op hun aandelen wanneer ze verkopen, in plaats van jaarlijks over papieren winst. Dat melden politieke bronnen.
Voor cryptobezitters is er één probleem: over crypto zwijgen de box 3-plannen. Of Bitcoin-beleggers straks dezelfde gunstige regeling krijgen als aandelenbeleggers, moet blijken uit de brief die minister van Financiën Eelco Heinen woensdag naar de Tweede Kamer stuurt.
Waarom crypto niet automatisch meelift in box 3
De verkoop-regel wordt in de plannen opgehangen aan zogeheten financiële instrumenten, met aandelen en obligaties als voorbeelden. Dat is een juridisch afgebakende categorie, en directe crypto valt daar niet onder. In de uitgelekte stukken wordt crypto bovendien nergens genoemd.
In het oorspronkelijke wetsvoorstel voor de nieuwe box 3, dat de Tweede Kamer in februari aannam, geldt voor crypto de hoofdregel: jaarlijks belasting over de waardestijging, ook zonder verkoop. Alleen vastgoed en aandelen in startups kregen daarin een uitzondering. Voor crypto was zo’n uitzondering niet opgenomen.
De vraag is nu of de nieuwe verkoop-regel die situatie verandert, of dat crypto als enige grote beleggingscategorie in box 3 jaarlijks belast blijven over winst die alleen op papier bestaat.
Wie crypto indirect bezit, via een tracker op een gewone beleggingsrekening, lift vrijwel zeker wél mee. Zulke producten zijn financiële instrumenten en volgen daarmee de aandelen-regel. Daarmee dreigt een opvallende scheefheid: wie een Bitcoin-tracker koopt, zou pas bij verkoop afrekenen, terwijl wie echte Bitcoin op een beurs of in een eigen wallet heeft, mogelijk ieder jaar moet betalen.
Er is hoop, maar ook reden tot zorg
Er zijn goede redenen om aan te nemen dat crypto uiteindelijk onder dezelfde regels gaat vallen als andere beleggingen. Een aparte, zwaardere behandeling binnen box 3 is politiek lastig uit te leggen. Bovendien leveren cryptobeurzen sinds dit jaar via Europese regels transactiegegevens aan de Belastingdienst. Daardoor wordt belasting heffen over daadwerkelijk behaalde cryptowinsten een stuk beter uitvoerbaar.
Toch is er ook een reden waarom Den Haag voor crypto een uitzondering zou kunnen maken: de kosten voor de schatkist.
Volgens bronnen kan een volledige overstap naar vermogenswinstbelasting de overheid 11 tot 25 miljard euro kosten. Belasting wordt dan pas geïnd wanneer een belegging daadwerkelijk wordt verkocht. Hoe meer vermogenscategorieën buiten die systematiek blijven, hoe kleiner het gat in de begroting.
Lagere vrijstelling in box 3 raakt cryptobezitters sowieso
Wat wel duidelijk is, is dat de plannen voor box 3 gevolgen kunnen hebben voor kleinere cryptobeleggers. Het kabinet kijkt naar aanpassingen van het heffingsvrije resultaat, dat in het huidige wetsvoorstel op 1.800 euro per jaar staat. Daardoor kan een grotere groep spaarders en beleggers belasting gaan betalen over het rendement op hun vermogen.
De aanpassing van box 3 maakt deel uit van bredere politieke onderhandelingen over de begroting. Veranderingen aan het nieuwe stelsel kunnen miljarden kosten en moeten daarom elders worden gedekt, zo heeft premier Rob Jetten eerder bevestigd.
Voor cryptobezitters wordt vooral belangrijk welke vorm het nieuwe stelsel uiteindelijk krijgt. Het kabinet streeft nog altijd naar invoering van belasting over het werkelijke rendement in 2028, maar de precieze uitwerking staat nog ter discussie.
Zodra het kabinet zijn aangepaste plannen presenteert, moet duidelijker worden of crypto straks op dezelfde manier wordt behandeld als andere beleggingen, of dat voor digitale munten andere regels gaan gelden.
Het bericht Box 3 vanaf 2028: winst pas belast bij verkoop, behalve crypto? verscheen eerst op Newsbit.

