
De Europese Centrale Bank (ECB) probeert zorgen over de privacy van de digitale euro weg te nemen. Volgens ECB-bestuurder Piero Cipollone wordt het systeem zo ontworpen dat de centrale bank niet kan zien welke persoon achter een specifieke betaling zit.
Sterker nog, volgens Cipollone moet de digitale euro meer privacy bieden dan een gewone bankoverschrijving. Toch blijven privacyorganisaties kritisch. Zij vrezen dat de bescherming uiteindelijk te veel afhankelijk blijft van regels en beloftes van Europese instellingen.
ECB kan betalingen niet aan personen koppelen
Cipollone stelt dat de ECB en andere centrale banken binnen de eurozone technisch niet in staat zullen zijn om individuele gebruikers aan hun betalingen te koppelen.
“De digitale euro garandeert het maximale niveau van privacy dat de huidige technologie kan bieden”, aldus Cipollone.
Hij vergelijkt dat met een gewone bankoverschrijving. Daarbij zijn verschillende gegevens over de transactie bekend bij de betrokken financiële partijen. Bij de digitale euro moet dat volgens hem verder worden beperkt.
Vooral bij offline betalingen belooft de ECB veel privacy. Wanneer twee mensen zonder internetverbinding digitale euro’s aan elkaar overmaken, zouden de gegevens alleen bekend zijn bij de betaler en ontvanger. Cipollone vergelijkt dat met het overhandigen van contant geld.
Bij online betalingen ligt dat anders. Banken kunnen daarbij wel achterhalen wie hun klant is. Volgens Cipollone gebeurt dat onder meer om te voldoen aan regels tegen witwassen.
Privacyorganisaties vertrouwen beloftes ECB niet
Niet iedereen is overtuigd. De Oostenrijkse digitale burgerrechtenorganisatie Epicenter.works waarschuwde deze maand samen met andere maatschappelijke organisaties dat de privacybescherming te veel leunt op garanties van instellingen en te weinig op technische beperkingen.
Dat onderscheid is belangrijk. Een technische beperking kan ervoor zorgen dat bepaalde informatie überhaupt niet beschikbaar is. Wettelijke bescherming bepaalt vooral onder welke omstandigheden informatie mag worden bekeken of gebruikt.
De organisaties vrezen dat regels later kunnen worden aangepast, anders kunnen worden geïnterpreteerd door rechters of bij de uiteindelijke invoering minder streng kunnen uitpakken.
Juist dat ligt gevoelig bij digitale centralebankmunten, ook wel CBDC’s genoemd. Critici vrezen al langer dat dergelijke systemen overheden in theorie meer mogelijkheden kunnen geven om betalingen van burgers te volgen of te beïnvloeden.
Digitale euro vervangt contant geld niet
Cipollone probeert ook een andere veelgehoorde zorg weg te nemen: de komst van de digitale euro betekent volgens hem niet het einde van contant geld.
Hij wijst daarbij op de plannen van de ECB voor nieuwe eurobankbiljetten. De centrale bank is onlangs een publieke consultatie gestart over het ontwerp daarvan.
“Het zou nergens op slaan om dit te doen als we van plan waren contant geld af te schaffen”, zei Cipollone.
De digitale euro moet volgens de ECB dus naast munten en bankbiljetten bestaan, niet als vervanging daarvan.
Het Europees Parlement keurde vorige maand de regelgeving rond de digitale euro goed. De geplande introductie staat voor 2029. Daarmee krijgt Europa nog enkele jaren om een van de gevoeligste onderdelen uit te werken: hoeveel privacy gebruikers in de praktijk daadwerkelijk krijgen.
Het bericht ECB belooft “maximale privacy” voor digitale euro, critici twijfelen verscheen eerst op Newsbit.

