

De olieprijs krijgt dinsdag een flinke tik nu Pakistan meldt dat het overleg in Teheran over de oorlog tussen de Verenigde Staten en Iran vooruitgang boekt. Handelaren halen daardoor een deel van het oorlogsrisico uit de markt.
Olieprijs daalt verder
Brent, de internationale maatstaf voor ruwe olie, is vandaag met ruim 2 procent gedaald. Daarbij is de prijs van dik 90 dollar per vat naar 88 dollar gegaan. De Amerikaanse variant West Texas Intermediate (WTI) laat een vergelijkbare val zien.
Het is de tweede rode dag op rij. Dat brengt een totaal verlies voor deze week van meer dan 6 procent. Daarmee is nu al de zoveelste lower high neergezet in de grafiek.
Volgens bronnen van Al Arabiya bracht de Pakistaanse legerchef een Amerikaans voorstel over aan Iran. Washington zou de blokkade van Iraanse havens opheffen en sancties intrekken.
Daar staat tegenover dat de Straat van Hormuz weer open moet en dat bondgenoten van Teheran stoppen met aanvallen.
Dat aanbod verklaart de daling van de olieprijs beter dan de verklaring van Pakistan zelf. Mohsin Naqvi, de Pakistaanse minister van Binnenlandse Zaken, bleef vaag.
“Er is significante vooruitgang geboekt, en de bijeenkomst eindigde in een zeer positieve sfeer”, schreef hij op X. Concrete afspraken noemde hij niet.
Door de Straat van Hormuz ging voor de oorlog ongeveer een vijfde van alle olie ter wereld. Elk teken dat de doorvaart hervat, haalt de risicopremie uit de olieprijs. En dan kunnen investeerders weer vertrouwen krijgen dat de inflatie haar piek al heeft gezien.
Van militaire naar economische druk
Iran heeft het voorstel niet bevestigd. Ondertussen opende Washington gisteren juist een tweede front.
Scott Bessent, de Amerikaanse minister van Financiën, noemde zijn sanctiecampagne tegen handelspartners van Iran een ”economische D-day”. Daarmee komt ook China in beeld, de grootste afnemer van Iraanse olie.
Teheran heeft daar een drukmiddel tegenover staan dat de olieprijs omhoog kan duwen.
“Als de economische oorlog doorgaat zal geen druppel olie worden geëxporteerd, niet door de Straat van Hormuz en nergens vanuit de Perzische Golf”, waarschuwde Mohsen Rezaei van de Iraanse Hoge Nationale Veiligheidsraad.
Zo’n dreigement landt in een markt met dunne buffers. Wael Sawan, topman van olieconcern Shell, waarschuwde dat de schokdemper van de oliemarkt slijt.
Voorraden en reserves lopen leeg, waardoor zelfs een kleine storing de prijs hard omhoog kan jagen.
Op 17 juni tekenden Washington en Teheran een voorlopig akkoord, bemiddeld door Pakistan. De scheepvaart door Hormuz kwam op gang en de olieprijs zakte terug naar het niveau van voor de oorlog.
Binnen zestig dagen moest daar een definitieve vredesdeal uit komen. Begin juli hervatten de Verenigde Staten de aanvallen, en vorige week liep het memorandum af zonder vervanger.
Militair is het al weken stil. Allebei houden ze een drukmiddel achter de hand.
Alleen tikt de klok niet voor beiden even hard. De blokkade doet op dit moment de meeste schade, zegt een Iraanse analist die anoniem blijft tegen de NOS.
Nog een paar weken of maanden daarvan kan verwoestend uitpakken, waarschuwt hij. Tegelijk vaart er weer meer door de zeestraat, onder Amerikaanse begeleiding.
Dat is een teken dat het Iraanse afschrikvermogen afneemt, zegt Sayed Ghoneim van het Institute for Global Security in Abu Dhabi.
Wachten kost Washington vooral een hogere olieprijs en wrijving met bondgenoten. Voor Teheran gaat het om exportinkomsten en de waarde van de eigen munt.
Het bericht Olieprijs daalt hard door ‘significante vooruitgang’ om Iran-deal te herstellen verscheen eerst op Newsbit.

