
De S&P 500 staat op recordhoogte, maar dat getal verbergt een zwakke plek. Een groot deel van de index wordt gedragen door kunstmatige intelligentie (AI), terwijl de meeste aandelen in een dalende trend zitten.
Hoewel de cryptomarkt nog een lange weg te gaan heeft tot de historische piek, is het overgrote deel nu na een lange tijd weer aan een opwaartse mars begonnen.
AI-reuzen dragen de S&P 500
De S&P 500 volgt de 500 grootste Amerikaanse bedrijven. Hoe groter een bedrijf, hoe zwaarder het meetelt.
Bedrijven die direct aan AI verdienen, zoals chipmakers en cloudgiganten, vormen samen 40 tot 62 procent van de index. Dat hangt af van hoe breed je AI opvat.
Die bedrijven verdienen wel echt geld. Techreuzen steken honderden miljarden dollars in datacenters, en dat geld belandt als omzet bij chipmakers als Nvidia en AMD. Ook energiebedrijven liften mee, want datacenters slurpen stroom.
Alleen al de tien grootste bedrijven zijn samen goed voor zo’n 40 procent van de index, becijferde J.P. Morgan. Op het hoogtepunt van de internetzeepbel rond 2000 was dat ruim 26 procent.
Dat maakt de S&P 500 kwetsbaar. Struikelen een paar van die reuzen, dan gaat de hele index mee onderuit.
De rest van de index doet minder mee. Van de 500 aandelen zijn er 257 onder hun 200-daags gemiddelde gezakt. Dat betekent dat de koers op lange termijn omlaag wijst.
Midden in de zomer zat nog zo’n 70 procent boven die lijn, volgens beleggingsplatform GuruFocus. Ook zakken er de laatste tijd meer aandelen naar hun laagste stand van het jaar dan dat er een nieuwe top neerzetten.
Het mes snijdt aan twee kanten. Softwarebedrijven als Intuit verloren dit jaar ruim de helft van hun waarde, uit angst dat AI hun producten overbodig maakt.
En ook buiten de techsector vallen harde klappen. Vastgoeddataleverancier CoStar Group, medisch technologiebedrijf Boston Scientific en sportkledingmerk Lululemon zijn dit jaar allemaal ongeveer de helft van hun waarde kwijt.
De conclusie is dus simpel: onder dat record staat het gros van de Amerikaanse aandelen er niet best voor.
De cryptowinter dooit
Het afgelopen jaar heerste er een donkere winter in cryptoland, maar de kou is inmiddels flink weggetrokken. Van de 100 grootste cryptomunten staan er nu 88 boven hun 200-daags gemiddelde.
Een paar maanden geleden was dat aantal nog op één hand te tellen. Bij de S&P 500 staat op dit moment nog geen 49 procent boven die lijn.
Van binnen oogt de cryptomarkt dus gezonder dan de Amerikaanse beurs. Bitcoin staat nog wel 32 procent onder zijn recordstand van oktober vorig jaar. En voor de meeste altcoins, zoals XRP en Solana (SOL), liggen de pieken nog veel verder uit zicht.
“Als de ETF-vraag standhoudt en het aanbod van stablecoins weer begint te groeien, heeft de rally een stevige basis,” zo schrijft CEO van Trace Finance Bernardo Brites.
Dat de wind in de cryptowereld nu is gedraaid, blijkt wel uit het feit dat de Bitcoin koers heel wat belangrijke koersniveaus heeft heroverd. Bijvoorbeeld het 365-daagse gemiddelde, nadat de koers maar liefst 310 dagen hieronder heeft gehandeld.
Bitcoin lijkt deze week het einde van de neergang te bevestigen als de koers boven de 82.850 dollar weet te blijven. Dat zou de eerste higher high markeren sinds oktober en veel altcoins zitten nu eveneens in een opwaartse trend.
Het bericht Waarom de cryptomarkt nu gezonder oogt dan de S&P 500 verscheen eerst op Newsbit.

