

Wall Street heeft een nieuw biotechthema gevonden: haaruitval.
Bedrijven als Veradermics, Absci en Cosmo Pharmaceuticals werken aan nieuwe behandelingen tegen erfelijke haaruitval. Daarmee richten zij zich op een enorme markt waar al decennialang weinig echte innovatie heeft plaatsgevonden.
De laatste grote goedgekeurde behandelingen dateren uit de jaren 90. Sindsdien zijn consumenten vooral aangewezen op minoxidil en finasteride.
Die middelen worden nog altijd veel gebruikt, maar kennen beperkingen. Ze werken niet voor iedereen en worden in verband gebracht met bijwerkingen zoals hartkloppingen en een verminderd libido.
Grote markt, weinig innovatie
De potentiële markt is enorm. Volgens de cijfers treft erfelijke haaruitval ongeveer 50 miljoen mannen en 30 miljoen vrouwen in de Verenigde Staten. Dat maakt het geen nicheprobleem, maar een massale consumentenmarkt.
Precies daarom beginnen beleggers enthousiast te worden. Veradermics werkt aan een pil tegen haaruitval, VDPHL01. Het aandeel is sinds de beursgang in februari met bijna 500 procent gestegen.
Absci ontwikkelt een injectie die twee tot drie keer per halfjaar moet worden toegediend. Dat aandeel is dit jaar meer dan verdubbeld.
Cosmo Pharmaceuticals meldde positieve late-stage onderzoeksresultaten voor een lokale behandeling, maar het aandeel beweegt voorzichtiger dan de Amerikaanse namen.
De vergelijking met GLP-1
De hype doet sommige analisten denken aan de doorbraak van GLP-1-medicijnen tegen obesitas.
Eli Lilly en Novo Nordisk lieten zien hoe groot de markt kan zijn wanneer een medisch product tegelijk een breed consumentenprobleem raakt. Eli Lilly steeg de afgelopen vijf jaar met bijna 350 procent, mede dankzij middelen als Zepbound en Mounjaro.
Beleggers vragen zich nu af of haaruitval een vergelijkbare categorie kan worden.
Ook Eli Lilly kijkt mee. Het bedrijf investeerde 40 miljoen dollar in Absci, waarmee het inspeelt op het idee dat haargroei mogelijk een vergelijkbare investeringscase kan worden als gewichtsverlies.
Maar het risico blijft groot
Toch is voorzichtigheid nodig. Geen van de drie bedrijven heeft op dit moment al een goedgekeurd product. De eerste aanvragen bij toezichthouders worden pas in 2027 verwacht.
Dat betekent dat beleggers nu vooral vooruitlopen op toekomstige vraag, succesvolle studies en goedkeuring door regelgevers.
In biotech kan dat veel opleveren, maar ook hard misgaan. Een tegenvallende studie, vertraging bij toezichthouders of onverwachte bijwerkingen kunnen jaren aan beurswaarde in één dag wegvagen.
Het bericht Van Ozempic naar haargroei: het volgende biotech-feest begint verscheen eerst op Newsbit.

