
Een kleine meerderheid van de markt verwacht een renteverhoging volgende week vanuit de Amerikaanse centrale bank, maar economen denken daar anders voor. Dat blijkt uit een nieuwe peiling van Reuters.
Het vertrouwen in een nieuwe rentepauze is wel flink weggezakt. De inflatiecijfers die nog voor deze week op het menu staan kunnen het hele plaatje in één keer omgooien.
Kevin Warsh zorgt voor twijfel
Van de 93 economen denken er 65 dat de Federal Reserve de rente op 15 en 16 september onaangeroerd laat. Dat is zo’n 70 procent, tegen 90 procent een maand eerder.
Voor de rest van het jaar is de twijfel nog groter. Nu houdt 56 procent vast aan ongewijzigd beleid, waar dat vorige maand nog 80 procent was. De anderen rekenen op minstens één verhoging, de eerste sinds juli 2023.
De oorzaak zit hem onder andere in de communicatie. De nieuwe voorzitter Kevin Warsh vindt dat een centrale bank die zich vastlegt op de toekomst, zichzelf klemzet als de cijfers omslaan. Beleggers moeten wat hem betreft de cijfers weer zelf wegen. Dus houdt hij zijn kaarten tegen de borst.
Eli Nir, Amerikaans econoom bij TD Securities, denkt wel dat een ”opwaartse verrassing” in de inflatiedata roet in het eten kan gooien. In dat geval wachten de beleidsmakers niet meer af, zo denkt hij. ”Dan beginnen ze waarschijnlijk aan een verhogingscyclus.”
Handelaren in termijncontracten prijzen inmiddels een kans van bijna 60 procent in op een verhoging deze maand. Voor maart rekenen ze zelfs op twee stappen omhoog.
Bij de vorige vergadering in juli stemden al drie van de twaalf beleidsmakers voor een verhoging. De andere negen wilden niet aan de renteknop draaien, wat nu al vijf vergaderingen op rij het besluit is geweest.
Donderdag en vrijdag worden cruciaal
Ondertussen dreigt president Donald Trump met brede handelsbeperkingen als de rente niet verlaagd wordt. Maar dat scenario wordt al lang niet meer aan gedacht en dat iis volledig te danken aan de oorlog die hij in februari is begonnen tegen Iran.
Door de geblokkeerde Straat van Hormuz zijn de energieprijzen flink opgelopen en dat is ook terug te zien in de inflatiecijfers. Begin juli stond olie weer op het niveau van vóór de eerste aanvallen toen de strategische zeestraat weer werd heropend na het bereiken van een voorlopig akkoord. Dat bestand klapte en olie staat nu bijna weer op het hoogste punt sinds eind mei.
Inflatie is weer een grote zorg geworden en de nieuwe cijfers van donderdag en vrijdag kunnen weleens de doorslag geven voor het rentebesluit van 16 september.
Donderdag wordt de producentenprijsindex (PPI) bekendgemaakt en vrijdag volgt de consumentenprijsindex (CPI). Vooral de kerncijfers zijn belangrijk, want die meten in hoeverre de hoge olieprijs al in de rest van de economie is doorgedrongen.
Tijd is daarbij de bepalende factor. Een korte prijspiek waait over, maar de energieschok door de oorlog loopt inmiddels bijna zeven maanden. Lang genoeg om via transport, kunstmest en verpakkingen in de prijzen van alledag te belanden.
Als de inflatiecijfers meevallen, dan kunnen investeerders weer gaan geloven in een nieuwe rentepauze. Dat zal ongetwijfeld voor opluchting zorgen op de markten, maar de echte zorg zit in de hoge olieprijs van dit moment.
Het bericht Economen zien géén renteverhoging, de markt wel – dit is het grootste gevaar verscheen eerst op Newsbit.

