
Het hoofdkantoor van het Saoedische staatsoliebedrijf Saudi Aramco is gisteren geraakt bij een raketaanval van de Houthi-rebellen uit Jemen. De aanval op Aramco komt op een moment dat de olieaanvoer al van twee kanten onder druk staat. En volgens Iraanse functionarissen is die druk op de olieprijs bewust beleid.
Raketten slaan in bij oliegigant
Een raket trof een kantorencomplex van Aramco in Dhahran, aan de oostkust van Saoedi-Arabië. Volgens het Saoedische energieministerie ontstond er een beperkte brand, maar raakte niemand gewond.
Dhahran is het hart van de Saoedische olie-economie. De grootste olievelden van het land liggen in de omliggende woestijn en in de Perzische Golf.
Ook andere steden waren doelwit: de Saoedische coalitie die in Jemen tegen de Houthi’s vecht, onderschepte raketten richting onder meer hoofdstad Riyad, Kharj en Haradh. Brokstukken van een onderschepping belandden in een woonwijk in Dhahran.
De aanvallen gingen vandaag door, in een golf van geweld die sinds vorige week aan minstens 18 mensen het leven kostte. Daarvoor kreeg de olie-infrastructuur al klappen: een raffinaderij in Jazan ligt stil en een belangrijke exportpijpleiding ging vorige maand tijdelijk dicht.
Iran speelt schaakspel met olieprijs
De Amerikaanse president Donald Trump beschuldigde de door Iran gesteunde Houthi’s gisteren op sociale media ervan om in opdracht van Teheran de olieprijs op te drijven. Dat zou vlak voor de Amerikaanse tussentijdse verkiezingen van 3 november moeten gebeuren.
Die beschuldiging is niet bevestigd, maar Iran zegt elders openlijk hetzelfde doel na te streven. Twee hooggeplaatste Iraanse functionarissen vertelden anoniem aan persbureau Reuters dat Teheran sinds zo’n tien dagen nieuwe tactieken inzet tegen schepen in de Straat van Hormuz.
Via die smalle zeestraat tussen Iran en het Arabisch Schiereiland liep vóór de oorlog zo’n vijfde van de wereldwijde handel in olie en vloeibaar aardgas. Een van de functionarissen liet weinig te raden over.
“Net wanneer ze denken dat ze dicht bij het punt komen waarop de prijzen zullen dalen, duwen we ze daar weer van weg. Dit is een schaakspel.”
In de cijfers is dat al terug te zien. De aanvallen op koopvaardijschepen zitten volgens onafhankelijke data op het hoogste niveau sinds het begin van de oorlog, met minstens vijf incidenten in de afgelopen 48 uur.
Volledige sluiting van Hormuz dreigt
Dat gooit olie op het vuur van een toch al gespannen markt. Brent, de internationale graadmeter voor ruwe olie, noteert al ruim een maand op of boven 100 dollar per vat en dat verhoogt de wereldwijde inflatiedruk.
Duurdere olie werkt vrijwel meteen door in de inflatiecijfers, via de prijs aan de pomp en de energierekening. Maar het echte risico zit een laag dieper.
Of de hogere prijzen ook doorsijpelen, laat de kerninflatie zien. Dat is de inflatie zonder de beweeglijke prijzen van energie en voedsel. Die maat toont of bedrijven hun hogere kosten doorrekenen in andere producten en diensten.
Vooralsnog valt dat effect te overzien. Vanmiddag om 14:30 uur Nederlandse tijd volgt nieuwe informatie, als de Verenigde Staten de consumentenprijsindex (CPI) over september publiceren.
Ook voor Trump staat er veel op het spel. De oorlog met Iran kost de Verenigde Staten zo’n 3 miljard dollar per maand, sinds eind februari opgeteld ruim 20 miljard dollar, en is een hoofdthema in de verkiezingscampagne geworden.
Trump zei vorige week nog dat hij Iran vóór de stembusgang niet opnieuw aanvalt. Teheran gebruikt die 20 dagen om zijn bereik uit te breiden tot de Golf van Oman en verder. “Het wordt binnenkort een volledige sluiting,” zei een van de Iraanse functionarissen.
Het bericht Raketten raken hoofdkantoor Aramco, Iran houdt olieprijs bewust hoog verscheen eerst op Newsbit.

